Witte Donderdag -- Waken en bidden

 

Lezing Matteus 26, vers 36-46

Diezelfde avond ging Jezus met de leerlingen naar Gethsemane, een tuin op de Olijfberg.
‘Blijf hier zitten,' zei Hij tegen hen.
‘Ik ga wat verderop om te bidden.' 

Hij nam alleen Petrus, Jakobus en Johannes mee.
Hij begon angstig en onrustig te worden en zei: ‘Mijn hart breekt van verdriet.
Blijf hier met Mij waken.' 

Hij ging een paar stappen verderop en knielde met zijn gezicht op de grond en bad: ‘Vader!
Als het mogelijk is, laat deze beker dan aan Mij voorbijgaan.
Maar niet mijn wil maar uw wil geschiede.

Hij ging terug naar zijn drie leerlingen en zag dat zij in slaap waren gevallen.
‘Petrus,' zei Hij.
‘Konden jullie niet een uur met Mij waken? 
Blijf toch wakker en bid dat jullie niet in verleiding komen.
De geest is gewillig, maar het lichaam is zwak.'

Opnieuw zonderde Hij Zich af en bad:
‘Vader! Als deze beker niet kan voorbijgaan, zonder dat Ik hem leegdrink, laat dan uw wil uitgevoerd worden.' 

Toen Hij weer bij hen terugkwam, zag Hij dat ze door slaap waren overmand. 
Hij liet hen slapen.
Voor de derde keer ging Hij weg en bad hetzelfde gebed. 

Hierna kwam Hij weer bij zijn leerlingen en zei: ‘Liggen jullie nog rustig te slapen?
Het is zover, Ik, de Mensenzoon, zal in de handen van zondige mensen vallen. Sta op, laten we gaan.
Kijk, daar is mijn verrader al.'

 

Wat is waken?

In de eerste plaats: wakker blijven.
Niet in slaap vallen.
Attent blijven.

We waken bij een ernstig zieke, bij een dode.
We waken als we een gemeenschappelijk verdriet hebben of een zorg die we willen delen.

Ik herinner me een wake in de Broederenkerk in Deventer.
Daar werkte ik als pastor.
We waakten in de Advent voor een pardon voor vluchtelingen.
Onder het motto: ‘We kunnen er niet van slapen, daarom gaan we waken'.
In 2002 was het.
Veel kerken in Nederland deden mee.
Het is heel goed om op dezelfde tijd samen iets te doen.

Onze wake begon 's avonds om 20.00 uur en eindigde de volgende morgen om 8.00 uur.
De hele nacht bleef de kerk open.
Elk uur hielden we een korte gebedsdienst met de mensen die er op dat moment waren.
Dat was een moment van verbinding.
We begonnen met tweehonderd mensen.
Op het rustigste moment waren er nog dertig mensen!
Ik herinner me dat om 2 uur de organist van de kerk naar binnen kwam.
Hij kwam van een feest.
‘Zal ik even spelen?', zei hij.
Toen hebben we met zijn orgelbegeleiding samen de voorbede: ‘Groter dan ons hart' gezongen.
Met die woorden die toen een bijzondere lading kregen: ‘Voor uw naamgenoten in ons midden, vluchtelingen, vreemden, wees niet niemand!'

Mensen kwamen af en aan.
Sommigen wilden iets voorlezen of zingen.
Iemand trok ons mee in een lange sliert, dansend door de kerk.
We zagen het 's morgens licht worden door de gebrandschilderde ramen.
Het was heel indrukwekkend.

Mijn meest recente herinnering is de wake voor pater Leo de Jong, vorig jaar in mei.
Met die overvolle kerk, allemaal verbonden door verdriet en dankbaarheid.

(Lidwien Meijer)

 

Wat is bidden?

Waar bad Jezus voor?
Laat deze beker aan mij voorbijgaan… maar uw wil geschiede.
Hij bidt om kracht en om vertrouwen.

‘In die dagen ging Jezus naar het gebergte om te bidden en bracht er de hele nacht door in gebed tot God.'
Deze woorden kunnen we lezen in het evangelie van Lucas.
Jezus zocht contact met God, die hij zijn Vader noemt.
Hij kan het niet alleen… hij heeft het nodig om in verbinding te staan met de Eeuwige.
Dat is bidden… in verbinding komen met dat wat ons overstijgt, ruimte maken om die verbinding te leggen.
In allerlei tijden, op allerlei plaatsen hebben mensen zo gebeden, om allerlei redenen.

Ik vond een gedicht van de Poolse dichter Milosz dat dit prachtig verwoordt:

‘Je vraagt me: hoe bidden tot iemand die niet is
Ik weet alleen dat het gebed een brug bouwt van fluweel,
waarop we verend lopen, als op een trampoline,
Boven landschappen – de kleur van rijp goud,
Herschapen door een magische stilstand van de zon.
Die brug voert naar de oever van Ommekeer
Waar alles andersom is…. ‘

Een brug van fluweel.
Dat bestaat helemaal niet in de sfeer van textiel en logica.
Maar gebed valt niet in die categorieën.
Gebed stijgt daar bovenuit.

Ik bid nu iedere middag, klokslag 12 uur (de basiliek luidt dan het Angelus) het Onze Vader.
Ik weet niet of dat helpt om de Corona terug te dringen.
Maar het helpt mij… om er even bij stil te staan.
Bij onze kwetsbaarheid en bij onze verbondenheid met God.

(Lidwien Meijer)

 


Hieronder enkele gebeden van mensen
uit allerlei tijden van onze geschiedenis,
vaak in benarde omstandigheden.

 

Morgengebed van Dietrich Bonhoeffer, vanuit de gevangenis in Berlijn, in WO 2.

God, tot U roep ik nu de dag begint,
Help mij bidden en mijn gedachten verzamelen;
ik kan het niet alleen
In mij is het duister, maar bij u is licht
ik ben eenzaam, maar u verlaat mij niet
ik ben bang, maar bij u vind ik hulp
ik ben onrustig, maar bij u vind ik vrede
in mij is bitterheid, maar bij u vind ik geduld
ik begrijp uw wegen niet, maar u weet de rechte weg voor mij.
Vader in de hemel,
lof en dank zij u voor de rust van de nacht
lof en dank zij u voor de nieuwe dag
lof en dank zij u voor al uw goedheid en trouw
in mijn leven tot nu toe.
U hebt mij veel goeds bewezen,
laat mij nu ook het zware uit uw hand aannemen.
U zult mij niet meer opleggen dan ik dragen kan.
U laat uw kinderen alle dingen ten goede komen.
Ontferm u, Heer, geef mij mijn vrijheid terug.
Wat deze dag ook brengt, Heer, uw naam zij geprezen!

 

In het klooster van Taizé worden woorden uit bovenstaand gebed van Bonhoeffer gezongen.
(Klik hier voor het lied op YouTube).

 

Gebed kardinaal Henri Newman

Ik vertrouw mij aan U toe, Heer.
Doe met mij wat Gij wilt.
Gij hebt mij geschapen voor U:
Wat wilt Gij dat ik doe?
Ga Uw eigen weg met mij.
Het moge zijn zoals altijd:
vreugde of smart.
Ik wil het doen...
Ik wil zijn wat Gij van mij verlangt
en alles wat Gij van mij maken wilt.
Ik zeg niet: ik wil U volgen waarheen Gij ook gaat,
want ik ben zwak.
Maar ik geef mij over aan U,   
opdat Gij mij altijd leidt,
waarheen dat ook mag zijn.
Ik wil U volgen
en bid enkel om kracht voor deze dag.

 

 

Zondagmorgengebed Etty Hillesum, juni 1941

Het zijn bange tijden, mijn God.
Vannacht was het voor het eerst, dat ik met brandende ogen slapeloos in het donker lag
en er vele beelden van menselijk lijden langs me trokken.
Ik zal je een ding beloven, God, een kleinigheidje maar:
ik zal mijn zorgen om de toekomst niet als evenzovele zware gewichten aan de dag van heden – hangen, maar dat kost een zekere oefening.
Iedere dag heeft nu aan zichzelf genoeg.
Ik zal je helpen God, dat je het niet in mij begeeft, maar ik kan van tevoren nergens voor in staan.
Maar dit éne wordt me steeds duidelijker: dat jij ons
niet kunt helpen, maar dat wij jou moeten helpen en door dat laatste helpen wij onszelf.
En dit is het enige, wat we in deze tijd kunnen redden
en ook het enige, waar het op aankomt: een stukje van jou in onszelf, God.
En misschien kunnen we ook eraan meewerken jou op te graven
in de geteisterde harten van anderen.
Ja, mijn God, aan de omstandigheden schijn jij niet al te veel te kunnen doen,
ze horen nu eenmaal ook bij dit leven.
Ik roep je er ook niet voor ter verantwoording,
jij mag daar later ons voor ter verantwoording roepen.
En haast met iedere hartslag wordt het me duidelijker: dat jij ons niet kunt helpen,
maar dat wij jou moeten helpen en dat we de woning in ons, waar jij huist,
tot het laatste toe moeten verdedigen.

 

 

Gebed (Dag Hammerskjold)

Erbarm U over ons, erbarm U over ons streven
dat wij onder uw ogen in liefde en geloof
rechtvaardigheid en ootmoed
U mogen volgen,
in zelftucht en trouw en moed,
en U ontmoeten in stilte.
Geef ons een zuiver gemoed, dat wij U mogen zien,
een nederig gemoed, dat wij U mogen horen,
een liefdevol gemoed, dat wij U mogen dienen,
een gelovig gemoed, dat wij U mogen leven.
U, die ik niet ken, maar aan wie ik toebehoor,
U, die ik niet begrijp, maar die mij heeft toegewijd
aan mijn eigen lot. U

 

 

Gebed (Theresia van Avila)

Mijn God,
ik hoef niet naar de hemel te klimmen
om met U te spreken en bij U mijn vreugde te vinden.
Ik moet mijn stem niet verheffen om met U te praten.
Al fluisterde ik heel zacht,
U hoort mij reeds; want U bent in mij,
ik draag U in mijn hart...
Om U te zoeken, heb ik geen vleugels nodig,
ik heb me enkel stil te houden,
in mijzelf te kijken, me niet te verwijderen
van een zo hoge Gast.

Als bij mijn broeder, mijn beste vriend,
mag ik bij U vertoeven, u zeggen wat mij kwelt,
U vragen mij te helpen: ik weet
dat Gij mijn God en Vader zijt en ik uw kind.

 

 

Bleibet hier

Blijf hier en waak met mij. Waak en bidt.

Link Nederlands gezongen: klik hier.
Link Duits gezongen: klik hier.

 

----------------------------------------------------------------

Deelgemeenschap Sint Jan de Doper-Visitatie, Schiedam
Teksten en samenstelling: Lidwien Meijer.


terug naar openingspagina